NOLAN, BAILEY, BLAIR en HALLAN
de Roger Moore's en Sean Connery's van Geheim Agent


Ook de serie Geheim Agent kent zijn Connery, Moore, Lazenby, Dalton en Brosnan.
Na 20 delen over de Bloemengroep ( waarin 2 x spion Jock 'Jasmijn' Sanders opduikt), schotelt de serie ons van nr 21 t/m 52 elke keer een andere hoofdrolspeler voor. Met nr 53 verandert dat: eerst achter elkaar 4 delen met Ross Nolan als agent, waarna agent Bailey (14 delen) en agent Blair (16 delen) elkaar afwisselen. Beiden maken uiteindelijk plaats voor Roger Hallan, die de laatste 3 nummers op de korrel neemt.

Niet dat ze veel van elkaar verschillen hoor. Ze lijken sterk op elkaar, werken allevier On Her Majesty's Secret Service (British, that is), roken doorlopend, en delen dezelfde kapper en kleerkast met daarin dezelfde pakken, stropdassen en regenjas. Ze hebben een broertje dood aan bureauwerk, werken soms samen met
Amerikaanse collega's, en zijn gehard in hun job, maar altijd in voor een lekkere whisky of een leuk popje. Betrouwbaar en plichtsgetrouw, de peilers waarop het vrije westen steunt.

Vijf beknopte portretten van de agenten die meer dan één keer een hoofdrol spelen.

REIS DOOR BEZET EUROPA: JOCK 'JASMIJN' SAUNDERS

'Jasmijn' in nr 1 (links) en nr 3
2 nrs: 1, 3.

Als enig agent in de 20 delen rond de Bloemengroep draaft 'Jasmijn' vaker op. Een goed agent, want we komen bijna niets van hem te weten, op die schuilnaam na. Zelfs zijn echte naam blijft een mysterie: in 1 is hij Jock Saunders, en in 3 Jock Sanders (zonder u).
Meester in vermommingen, laat hij zich in beide delen door een andere tekenaar afbeelden zodat we hem amper herkennen. Alleen zijn reisgedrag valt op: in nr 1 begint hij in Zurich, waarna hij door heel Europa zwerft. En in nr 2 gaat hij vanaf Eindhoven wederom heel Europa door, tot hij eindigt waar het begon: in Zurich.
Like clockwork.


MODEL VOOR DE REST: ROSS NOLAN

Nolan (links) rookt weer

4 nrs:
53, 54, 55, 56
De komst van Nolan markeert de komst van het type agent dat de serie vanaf dan vult. Een zelfstandig man, die in opdracht van zijn chef de wereld beschermt tegen boeven, politici en fanatici. Als we hem in 53 voor het eerst zien, als gastagent in Amerika, is dat het enige deel waarin hij niet rookt. Hij zou beter moeten weten, want de dekmantel van zijn Engelse chef is een artsenpraktijk. Goed opletten met die chef, want in de verschillende delen ziet hij er anders uit. Net als Nolan zelf: in 55 is hij hoogblond in plaats van donkerharig.

Na 4 delen verdwijnt Nolan uit de serie, maar ja:
"Zo was het leven nu eenmaal. Niemand ontkwam aan de regels van doden of gedood worden. Het recht van de sterkste." (55)

DE MAN MET HET LAPJE: NICK BAILEY

14 nrs:
57, 59, 61, 63, 66, 69, 71, 72, 74, 75, 76, 79, 83, 86.

Nick Bailey is de meest sprekende Geheim Agent in de reeks. In de eerste plaats uiteraard door zijn karakteristieke ooglapje, een grafisch grapje dat hem een duidelijke herkenbaarheid geeft, zelfs als hij door verschillende tekenaars wordt uitgebeeld, zoals bij dit soort strips gebruikelijk is. Over hoe hij zijn oog is kwijt geraakt, krijgen we geen details, maar "Ze konden het niet meer redden" antwoordt hij zijn baas (71). "Het treffen met de communistische moordenaar in Marokko vergat hij liever".


Bailey in een bizarre zaak

Bailey krijgt zijn opdrachten meestal van de chef van Whitehall, Webster, terwijl deze met zijn vogels bezig is. Vogels in kooitjes, op de vensterbank, en als affiche aan de muur. Webster zelf (die een dochtertje Cindy heeft) ziet er wel regelmatig anders uit, als er een andere tekenaar aan te pas komt.

Naast zijn ooglapje valt Bailey op doordat de plotjes van zijn verhalen gevarieerder en grotesker zijn dan andere. Bailey krijgt met bizarre zaken te maken als een maniak die ogen steelt, een professor met een vat builenpest bacillen, moordende negers die hun huid kunnen bleken, een gebochelde met een middeleeuws kasteel in de woestijn, doden die al dood waren, en een aantal gevallen van hypnose met nachtmerries en doodshoofden. Zo krijgen de verhalen een sensationele focus, die de aandacht afleidt van alle toeval en onlogica.

Bailey klaart de klus, want "Hij is gewend aan gevaar. Voor iemand van de geheime dienst is er nooit gewoon werk." Naast vreemde zaken, krijgt hij regelmatig te maken met gevaarlijke (waak-) beesten, zoals honden natuurlijk, maar ook een giftige raaf, haaien, octopus, en in nr 86 zelfs wilde panters in hartje Amsterdam, en wel in de Regslijk Straat. Hij rekent er koel mee af, net zoals met dubbelspionnen en tegenstanders,want hij is immers "zonder emoties, eigen aan mensen die met de dood spelen". Helemaal zonder emotie is hij niet, want in 69 haalt hij uit naar de oliesheik wiens belangen hij in opdracht moest verdedigen - en dus niet uit overtuiging:" Helaas heeft mijn land u en uw stinkende olie nodig". Gelukkig voor de westerse wereld is de man met het ooglapje aanmerkelijk overtuigder over politiek:
"Het enige dat een communist begrijpt is een kogel tussen de ogen. Geloof dat maar van mij baby."(74)


CHARMEUR IN DE SCHEMER: GERALD BLAIR

16 nrs:
58, 60, 62, 64, 65, 67, 68, 70, 73, 77, 78, 80, 81, 82, 84, 85.
Herman Brood zei al:
"Het maakt niet uit wat ze over je schrijven, als het maar veel is en ze je naam goed spellen."
Zestien delen maar liefst met de Britse agent Gerald 'Gerry' Blair, dus met dat eerste zit het wel goed. Maar met dat tweede, de spelling, gaat het gelijk mis: op p2 van nr 58 wordt hij geïntroduceerd als Gerard. En zo is Blair gedoemd een onopvallende, sterotiepe agent te blijven. Hij heeft geen duidelijke uiterlijke kenmerken zoals Nick Bailey, geen bijzondere gewoontes en van zijn werkomgeving komen we weinig te weten. Geen vaste collega's, chef of standplaats, wel bijna altijd gekleed in dat nietszeggende pak met stropdas. Als dekmantel is hij (speelgoed) verkoper, of student kunstgeschiedenis. Cultureel is-ie er niet van geworden, want als zijn lokaas in nr 80 een museum bezoekt verzucht hij "Waarom een museum, en nu niet eens een bar?"

Blair begrijpt de vrouwen
Zijn job is simpel: "Dat was zijn baan, mensen als haar in rust en vrede laten leven."(82)
Verschillende tekenaars kunnen dus met Blair aan de slag, zonder dat het veel uitmaakt. We zien hem op de cover van 82 met bril op als vermomming.

Zijn avonturen zijn niet zo bijzonder als die van Bailey, en spelen zich voor het grootste deel af in een soort schemergebied, waarbij niet duidelijk is wat er speelt, wie wie nu waarom schaduwt, en vooral de vragen centraal staan die Blair zich steeds stelt: "Zullen ze happen? Wat steekt hierachter? Wat gaan ze nu doen? Hoe passen de stukjes in elkaar?" Niet dat het complex wordt, Blair zit er altijd direct dichtbij. De ruimte van 64 pagina's wordt gebruikt om het vermeende mysterie wat aan te kleden, waarbij we nogal eens getrakteerd worden op overvallers en akties die de plot er niet duidelijker op maken. Plots die vaak te maken hebben met lekken in de organisatie, geheime documenten die van eigenaar wisselen en dubbelspel dat om een oplossing roept. Dan is Blair de eenzame agent die het van zijn ervaring en intuïitie moet hebben.

Wat hem duidelijk van Bailey onderscheidt, is dat hij daarbij regelmatig relaties aanknopt met de dames die zijn pad kruisen, of dat nu naïeve bijrollen zijn of vijandelijke agenten. Blair is een echte charmeur, maar door zijn vak is uiteindelijk elke relatie gedoemd: "Mensen in ons vak hebben geen recht op gevoelens. Liefde en dat soort dingen is voor gewone, nette mensen, niet voor mijn soort. ( 64)"
"Ze kwamen uit twee verschillende werelden...alleen de dood kon dat oplossen (65)".

Of, zoals op de laatste pagina van nr 78:
"In zijn leven was geen plaats voor liefde. Voor niets, alleen vrouwe Fortuna. Zij was de enige vrouw die tegen hem lachte."

DE LAATSTE AGENT DOET HET LICHT UIT: ROGER HALLAN

playboy als dekmantel
3 nrs: 87, 88, 89

Hekkesluiter van de serie is Roger Hallan.
Een blonde playboy, lang en slank, die zijn opdrachten rechtstreeks krijgt van Q. "Slechts twee mensen kennen Q's identiteit, een van hen was een dode." "Bureauwerk is niets voor mij" zegt Hallan, dus hij zal plezier hebben beleefd aan zijn taken: een meervoudige politieke moord, een geheim wapen in Australië, en drugssmokkel. Bij die laatste actie verliest hij collega Sandra, waarvoor hij warme gevoelens kreeg. Haar laatste woorden: "Roger, het had zo mooi kunnen zijn. Er was niet genoeg tijd.'

En zo was het. Drie delen, toen zat ook Hallan's tijd erop.